Aantal besmettingen met apenpokkenvirus in Nederland ruim verdrievoudigd in 8 dagen tijd

juni 2022 Actueel Willem van Altena

Het aantal mensen dat besmet is met het apenpokkenvirus (monkeypox) in Nederland neemt snel toe. Tussen woensdag 25 mei en donderdag 2 juni is het aantal vastgestelde besmettingen ruim verdrievoudigd, van 12 naar 40. Dat meldt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Het virus, dat normaliter vooral in Afrika heerst, werd op 7 mei voor het eerst opgemerkt in Europa, bij een man in Engeland. De eerste besmetting in Nederland werd op 20 mei geconstateerd.

Ongedetecteerde transmissie

De Wereldgezondheidsorganisatie WHO meldde op 1 juni dat er ruim 550 gevallen van apenpokken zijn vastgesteld in 30 landen waar de ziekte niet endemisch is. De risicoinschatting van de ziekte is daarom bijgesteld van ‘laag’ naar ‘matig’. Directeur-generaal van de WHO Tedros Adhanom Ghebreyesus: “Onderzoeken zijn nog in volle gang, maar het plotseling opduiken van apenpokken in zo veel landen tegelijk doet vermoeden dat er al geruime tijd ongedetecteerde transmissie plaatsvond.”

De WHO kan het risiconiveau van de apenpokkenuitbraak verder verhogen wanneer de ziekte zich sneller verspreidt onder kwetsbare groepen, zoals jonge kinderen en mensen met een verminderde afweer, zoals bijvoorbeeld transplantatiepatiënten.

Symptomen

Mensen kunnen het apenpokkenvirus oplopen door nauw (huid)contact met iemand die het bij zich draagt. Naast kenmerkende bultjes op de huid kunnen patiënten last krijgen van koorts, hoofdpijn, rugpijn en gezwollen lymfeklieren. Meestal is het ziekteverloop vrij mild, maar bij complicaties kan de ziekte dodelijk zijn. Mensen die recent tegen pokken gevaccineerd zijn zijn ook beschermd tegen apenpokken.

Stigmatisering

Hoewel de ziekte niet specifiek door seks wordt overgebracht en dus geen SOA is, gaat het volgens de WHO in de meeste gevallen om mannen die seks hebben met andere mannen, die zich met hun symptomen bij een SOA-kliniek melden. Vaak gaat het om relatief milde symptomen, zoals opgezette lymfeklieren en wondjes, voornamelijk rondom de mond, de genitaliën en de anus. “We moeten ervoor waken om stigmatisering tegen te gaan”, waarschuwt Ghebreyesus. “Dat is niet alleen simpelweg verkeerd, maar het kan ertoe leiden dat besmette mensen ervan weerhouden worden om medische hulp te zoeken. Dat maakt het alleen maar moeilijker om transmissie van het virus te stoppen.”

De WHO beveelt landen waar besmettingen opduiken om extra waakzaam te zijn en om actief te zoeken naar mogelijke nieuwe besmettingen. Het is daarbij belangrijk dat duidelijk wordt gemaakt dat iedereen de ziekte kan oplopen die in lichamelijk contact komt met iemand die apenpokken heeft. Bovendien is besmetting te voorkomen doordat er effectieve vaccins bestaan. Toch verwacht de WHO dat het aantal besmettingen verder zal stijgen.

Meer informatie

Volg de laatste stand van zaken in Nederland op de website van het RIVM

Lees de laatste nieuwsberichten van de WHO

X